Naar de hoofdinhoud

Het goedkoopste onderdeel. En de keuze die alles bepaalt.

Een label van een paar cent kan een traject van tienduizenden euro's laten mislukken. Metaal en vloeistoffen verstoren het signaal, en een label dat op karton prima werkt is op een stalen kar onbruikbaar. Dit is daarom het eerste wat we testen en niet het laatste.

Eerst het label kiezen dat op jouw materiaal werkt, dan de rest.

Verschillende rollen RFID-labels naast elkaar, in uiteenlopende formaten.
Zelfklevende labels op rol, het meest gebruikte type.

Waar je op let bij het kiezen

Vijf vragen die het labeltype bepalen. Het antwoord op de eerste twee sluit meestal al het halve aanbod uit.

Waar zit het op
Karton, kunststof of metaal. Metaal vraagt een tag met afstandhouder
Wat maakt het mee
Wassen, vriezen, buiten staan, schoonmaakmiddel of hoge temperaturen
Hoe lang moet het mee
Eenmalig met de doos mee, of jaren op een herbruikbare drager
Hoe groot mag het zijn
Een grotere antenne leest verder, maar past niet altijd op het object
Wat kost het per stuk
Van een paar cent tot een veelvoud daarvan bij metaal- en wastags

Zeven soorten

Welke soort bij welke situatie hoort

De namen zeggen weinig, de situatie waarin ze thuishoren wel. Dit is de korte versie; welke precies bij jouw materiaal past, blijkt uit een test.

Standaard label
Dozen, verpakkingen en karton. Zelfklevend, bedrukbaar, de laagste prijs per stuk
On-metal label
Dun en buigzaam, maar leest wél op metaal. Voor gereedschap, karren en rekken
Hard tag
Behuizing eromheen, voor jaren meegaan onder stoten, vocht en chemicaliën
On-metal hard tag
Hetzelfde, maar op machines, voertuigen en stalen retourverpakking
Retail label
Onopvallend op kleding of prijskaartje, bedrukbaar, voor de winkelvloer
Waslabel
Blijft leesbaar na herhaald industrieel wassen. Voor textiel en bedrijfskleding
Inlay
Chip en antenne zonder drager, de basis voor een label op maat

Prijs en levertijd verschillen sterk tussen deze zeven. Een hard tag kost een veelvoud van een standaardlabel, en dat is precies waarom de vraag niet is welk label het beste is maar welk label je nodig hebt.

Op metaal

Metaal is niet lastig, het is onhandelbaar zonder het juiste label

Metaal weerkaatst het signaal en stemt de antenne af. Een gewoon label dat je op een stalen kar plakt, leest niet of leest tien centimeter. On-metal labels lossen dat op met een aangepaste antenne en een afstandhouder, en blijven daarbij dun genoeg om op een gebogen oppervlak te plakken. Waar het label het niet houdt, gaat het over naar een hard tag.

On-metal RFID-labels, dun en zelfklevend, bedoeld voor metalen oppervlakken.

Jaren meegaan

Een hard tag is geen luxere sticker

Een hard tag zit in een behuizing en wordt geschroefd, geniet, geklikt of gelijmd. Welke van die vier het wordt, hangt af van het materiaal en van wat het object moet doorstaan. Lijmen is daarbij niet de goedkope variant: het gaat om industriële constructielijm, hetzelfde soort waarmee vliegtuigonderdelen aan elkaar zitten. Een hard tag kost meer per stuk en meer tijd bij het aanbrengen, en gaat jaren mee onder stoten, water, vuil en schoonmaakmiddel. Voor een doos die één keer de deur uit gaat is dat weggegooid geld; voor een kar die twintig jaar rondrijdt is het het enige dat werkt.

Aanbrengen
Schroeven, nieten, klikken of lijmen
Gaat mee
Jaren, ook buiten en bij intensief gebruik
Kostprijs
Een veelvoud van een standaardlabel
RFID-hard tags in verschillende vormen, met een stevige behuizing.

Op maat

Als geen van de zeven past, begint het bij de inlay

In een inlay zit alleen de chip met zijn antenne. Dat is de bouwsteen waarmee een label op maat gemaakt wordt: een andere vorm, een ander formaat, of een label dat in een bestaande verpakking of een bestaand etiket verdwijnt. Welke inlay het wordt, hangt af van het bereik dat je nodig hebt en van wat het label moet doorstaan. Dat is meetwerk, geen catalogusvraag.

RFID-inlay: de chip met antenne op een dunne drager, zonder afwerking.

Wat een goed gekozen label wél en níét doet

Wel

  • Betrouwbaar leesbaar blijven in de omgeving waar het echt gebruikt wordt
  • Meegaan zolang het object meegaat
  • Bij het printen meteen gecodeerd worden, in één handeling
  • Op metaal werken, mits het daarvoor gemaakt is

Niet

  • Op elk materiaal hetzelfde presteren
  • Door een metalen wand heen gelezen worden
  • Een leesmoment vervangen dat er in het proces niet is
  • Goedkoop én geschikt voor alles tegelijk zijn

Dit is de plek waar we niets beloven zonder gemeten te hebben. Of een label op jouw materiaal werkt, hangt af van de vorm van het object, de plek van het label en wat eromheen zit. Daarom zit een labeltest standaard in elke Proof of Value, en staat in het rapport ook welke labels het níét deden.

Uitzoeken welk label op jouw materiaal werkt?

Zet één proces op de meetlat. Eén locatie, tijdelijke labels en een nulmeting, met een heldere go of no-go.

Bespreek je proces