Naar de hoofdinhoud

Onderhoud dat zich aandient.

Een werkorder wacht op een onderdeel dat er volgens het systeem is. Iemand loopt drie ruimtes af om een sleutel te vinden. En de keuring van vorig jaar staat in een map die niemand opent. Dit is wat de markt onderhoud, reparatie en onderdelenbeheer noemt, ook wel MRO, en het valt of staat bij weten waar iets is en wanneer het weer moet.

We beginnen met één werkstroom en meten de tijd tussen melding en afronding.

Een monteur in blauwe overall legt gereedschapshouders naast elkaar op een werkbank en kijkt ze na op een papieren lijst.

Herken je dit?

Deze situaties spelen bij technische dienstverlening, bij eigen onderhoudsdiensten en bij iedereen die machines of voertuigen in de lucht houdt.

Wat het kost

Wat wachten op een onderdeel kost

Werkorders per week

Deel dat wacht op materiaal

Wachttijd per keer, in uren

Weken per jaar

Per jaar

936 uur

Gerekend met euro per uur, en met het deel van de theoretische winst dat je in de praktijk haalt:

Conservatief
374 uur16.848 euro per jaar
Verwacht
562 uur25.272 euro per jaar
Potentieel
749 uur33.696 euro per jaar

Rekenvoorbeeld op basis vanveertig werkorders per week waarvan vijftien procent drie uur stilstaat op materiaal, over 52 weken. Alleen de wachttijd van de monteur, dus zonder de stilstand van de machine waar hij aan werkt en zonder het spoedtransport dat er soms bij komt. Geen meting bij een klant. De getallen zijn aanpasbaar: zet je eigen situatie erin en de uitkomst rekent mee.

Hoe onderhoud voorspelbaar wordt

De volgorde is dezelfde als elders: eerst weten wat je hebt en waar het is, dan het werk eraan hangen. Andersom bouw je een planning op een voorraad die niet klopt.

  1. 1 / Onderdelen en gereedschap leesbaar maken

    Labels op de onderdelenbakken en op het gereedschap, en een drempel per artikel. Bij uitgifte gaat het van de voorraad af zonder dat iemand iets invoert.

  2. 2 / Het werk aan het object hangen

    Een werkorder hoort bij een machine of voertuig en niet bij een regel in een lijst. Je maakt hem zelf aan, of je ERP of WMS schiet hem in. Dat tweede betekent dat je bestaande proces niet hoeft te veranderen.

  3. 3 / Vastleggen wat er gemeten is

    Een inspectie met meetwaarden en foto's, gekoppeld aan het object. Een stand hoort daarbij: uren, kilometers of aantal keer gebruikt, wat op dat object van toepassing is.

  4. 4 / De termijn laat zich horen

    Uit de stand en de vorige inspectie volgt wanneer het weer moet. Dat is het verschil tussen onderhoud plannen en achter een storing aanlopen.

Wat dit wel en niet doet

Wat dit wel en niet doet

Wel

  • Onderdelen en gereedschap uitgeven, innemen en aanvullen op een drempel
  • Werkorders zelf aanmaken, of laten inschieten door je ERP of WMS
  • Inspecties met meetwaarden en foto's, vast aan het object
  • Een termijn per object: na zoveel uur, kilometer of maanden komt het terug
  • De historie per machine of voertuig: welke handeling wanneer, en waar het toen was
  • Een object blokkeren tot het is vrijgegeven

Niet

  • Brandstof, tankgegevens of ritregistratie: dat is voertuigadministratie
  • Een bestuurder aan een voertuig koppelen, of verzekeringen bijhouden
  • De administratie rond een keuring bij een instantie
  • Je onderhoudscontracten of facturatie: dat blijft je eigen systeem
  • Voorspellen wanneer iets kapot gaat: het rekent met termijnen, niet met sensoren

Die eerste drie zijn de grens tussen onderhoud en voertuigadministratie. Wij doen de staat van het object en het werk eraan; een fleetpakket of een ERP doet de papieren eromheen. Wie beide van één systeem verwacht, komt bedrogen uit.

Wat er in de praktijk verandert

  • De werkorder die niet wacht

    Het onderdeel ligt er of het ligt er niet, en dat weet je voordat de monteur op pad gaat.
  • Gereedschap bij de monteur

    Uitgifte en inname in één handeling, dus de sleutel die drie ruimtes verder lag is te vinden.
  • De termijn die zich meldt

    Na zoveel uren of kilometers komt het onderhoud terug. Je plant het in plaats van dat je achter een storing aanloopt.
  • De historie per machine

    Wat is er wanneer gedaan, en met welke meetwaarde. Bij een keuring of een klacht is dat het verschil.

Zo bewijzen we het: een kleine, betaalde Proof of Value

Eén werkstroom volgen we van melding tot afronding, op de oude manier en daarna met labels op de onderdelen en het gereedschap. Twee metingen: doorlooptijd, en hoe vaak het werk stilstaat op materiaal.

Scope

  • Eén werkstroom of één machinepark
  • Tijdelijke labels op de onderdelen en het gereedschap dat erbij hoort
  • Eén uitgiftepunt met een leesmoment, handheld of scanbak
  • Nulmeting: dezelfde stroom nu, met de doorlooptijd erbij
  • Bijhouden hoe vaak een werkorder wacht op materiaal, en hoe lang

Go of no-go

Na de meting weet je hoeveel van de doorlooptijd wachten is en waar dat wachten door komt. Blijkt dat je onderdelen wel gewoon op voorraad hadden en het zoeken het probleem was, dan is dat een andere oplossing dan bijbestellen, en dan staat dat zo in het rapport.

Wat je waarschijnlijk denkt

Wij hebben al een onderhoudssysteem.

Dan blijft dat staan. Wat zo'n systeem niet weet, is waar het onderdeel fysiek ligt en of het er nog is. STOCKflow levert die werkelijkheid en schiet het terug; je werkorders kunnen gewoon uit je bestaande systeem blijven komen.

Onze monteurs gaan geen extra scan doen.

Dat vragen we ook niet. Bij een scanbak of een poort is de handeling die er al is genoeg: neerzetten of erlangs lopen. Waar dat niet kan, is een handheld één beweging over een bak in plaats van per stuk.

Gaat dit voorspellen wanneer een machine stukgaat?

Nee, en dat beloven we ook niet. Het rekent met termijnen en standen, niet met sensoren in de machine. Dat is minder spannend en het werkt op alles wat je al hebt.

Laat beoordelen waar in je onderhoud de tijd weglekt.

Zet één proces op de meetlat. Eén locatie, tijdelijke labels en een nulmeting, met een heldere go of no-go.

Vraag een Proof of Value aan