Registreren zonder handeling. Ook als het druk is.
Een scan gebeurt als iemand hem doet. Op een drukke dag wordt er overgeslagen, en juist bij die zending komt later de vraag. Een poort legt vast wat er passeert zonder dat er iemand aan te pas komt, dus de gaten in je registratie verdwijnen.
Bij een dock, een doorgang of tussen twee zones. Waar hij komt te staan is de belangrijkste keuze.

Waar je op let bij het kiezen
De techniek is bij een poort zelden het probleem. De plaatsing is dat wel.
- Wat passeert er
- Een pallet, een rolcontainer, een persoon met een doos: dat bepaalt hoogte en breedte
- Hoe snel
- Stapvoets of met een heftruck op snelheid. Dat bepaalt het leesvenster
- Wat staat ernaast
- Stellingen vlak naast de poort worden meegelezen als je daar niets aan doet
- Richting
- Alleen registreren dát iets passeert, of ook of het in- of uitgaat
Wat een poort wél en níét doet
Wel
- Vastleggen wat passeert, zonder dat iemand een handeling doet
- Honderden tags tegelijk lezen, ook op een volle pallet
- Richting bepalen, zodat in en uit uit elkaar te houden zijn
- Draaien zonder toezicht, dag in dag uit
Niet
- Afschermen wat er náást de poort staat: daarvoor is een faradaykooi
- Lezen wat niet door de poort komt
- Garanderen dat een tag diep in een pallet met metaal wordt gezien
- Bepalen wát er in een doos zit, tenzij die inhoud zelf gelabeld is
Het verschil tussen een poort en een faradaykooi is precies dit: een poort ziet alles wat binnen bereik is, ook de stelling ernaast. Bij een dock in een open hal is dat geen probleem; midden in een magazijn wel. Waar de poort komt te staan, bepalen we daarom in de Proof of Value en niet op een plattegrond.