Naar de hoofdinhoud

Elf oplossingen. Eén volgorde die werkt.

De vraag is zelden welke functie je nodig hebt. De vraag is waar je begint, want alles wat je bovenop een onbetrouwbare voorraad bouwt erft die onbetrouwbaarheid. Hieronder staan ze in de volgorde waarin ze elkaar dragen, niet in de volgorde waarin ze het best verkopen.

Weet je al waar het schuurt? Ga dan meteen naar het probleem in plaats van naar de oplossing.

Stellingen met plaatmateriaal en pallets in een bedrijfshal.

Of begin bij je eigen operatie

Dezelfde oplossingen, maar dan beschreven vanuit wat er op jouw vloer gebeurt. Voor wie liever zijn eigen situatie herkent dan een functienaam kiest.

  • Segment

    Logistiek, warehousing & distributie

    Goederen ontvangen, tellen en uitleveren met minder handmatige scans en minder fouten. Bewijs het eerst op één inbound- of outboundproces.

    Bekijk dit segment
    Een RFID-poort bij een dockdeur: twee antennepanelen aan weerszijden van de deur, met de laadbrug ertussen.
  • Segment

    Productie & materiaalstromen

    Minder zoeken naar materiaal, minder handmatig boeken en een voorraad die klopt. Begin met een kleine, betaalde Proof of Value op één materiaalstroom.

    Bekijk dit segment
    Gele palletiseerrobot boven een inpaklijn, met transportbanen, dozen op een pallet en een veiligheidshek eromheen.
  • Segment

    Assets & dragerbeheer

    Gereedschap, apparatuur en dragers sneller terugvinden en minder verlies. Meet je zoektijd en bewijs het op één assetcategorie.

    Bekijk dit segment
    Stapels kunststof kratten op rolplateaus in een bedrijfshal, klaar om naar een andere afdeling te rijden.

Zo bewijzen we het: een kleine, betaalde Proof of Value

Welke oplossing je ook als eerste oppakt, de route ernaartoe is dezelfde. Eén proces, één locatie, tijdelijke labels, en een meting die de discussie beslecht.

Scope

  • Eén proces, één locatie, één objectgroep
  • Tijdelijke labels, geen vaste infrastructuur
  • Een handheldreader en een beperkte gebruikersgroep
  • Nulmeting vooraf, nameting achteraf
  • Uitzonderingen worden vastgelegd, ook de tegenvallers

Go of no-go

Na de meting ligt er een go of een no-go, met de cijfers erbij. Bij een no-go stopt het en zit je nergens aan vast. Bij een go ontwerpen we de opschaling met een beslismoment per fase.

Laat beoordelen welke stap bij jou het meeste oplevert.

Zet één proces op de meetlat. Eén locatie, tijdelijke labels en een nulmeting, met een heldere go of no-go.

Bespreek je proces